De Veluwetrail. Al 2 jaar kijken we er naar uit. Voor ons is het de ultieme tocht. We hebben ervoor gespaard, de hoefsmid erop afgestemd,… Vorig jaar werd het initiatief afgelast. Dit jaar is er een maand voor vertrek nog geen fiche. Na een mailtje verneem ik dat Jan er volgend weekend gaat aan beginnen. Op dat moment besef ik dat het ook dit jaar niet zal lukken. Enkele dagen later komt ook Jan tot die conclusie. Het alternatief wordt korter en bestaat uit sterritten vanuit de Woody Ranch in Uddel.
De site van de Woody Ranch is een appetizer . De accommodatie lijkt wel leuk. Omdat zo goed als alles ook daar volzet is overnachten we 2 keer in een pipowagen en 2 keer in een trekkershut.
Op 19 juli mogen we pas om 14 u aankomen. We arriveren als eerste koppel van een groep van 6 ruiters en worden allerhartelijkst ontvangen door de vrouw des huizes. De paarden worden uitgeladen en mogen per 2 in uiterst ruime paddocks. Deze bevinden zich wel een eindje van de camping maar na 3 uur auto-trailer is het voor ons en onze paarden aangenaam om even de benen te strekken. Ook bij de paddocks worden we vriendelijk begroet door eigenaar Hans. Terug op de camping geeft hij ons een rondleiding: hooi en krachtvoer zijn inbegrepen en mag je à volonté geven. Afmesten hoeft niet omdat hij de wei sleurt als we weg zijn. Dagelijks krijgen de paarden vers drinkwater. Er is een afspuitplaats en een poetsplaats. Alles is er netjes.
De camping staat vol met caravans van de Lucky Boys uit Grembergen bij Gent. Toeval wil dat één van hen enkele maanden geleden Gilbert zijn oud zadel heeft gekocht. Kennis maken is dus niet meer nodig. Van de Lucky Boys (die hier al jaren graag geziene gasten zijn) krijgen we te horen waar de leukste plekjes zijn, waar je een bakker vindt, waar je lekker kan eten. De stoere verhalen zijn de slagroom op de taart.
Als iedereen is toegekomen en geïnstalleerd, maken we nog een avondwandeling van een uurtje. Sonja leert ons wild spotten volgens het uur. Op “13 uur” zien we een familie everzwijnen. Als ze ons opmerken trippelen ze vliegensvlug weg, de staartjes gekruld de lucht in. Howy van Gilbert en Forrest van Ronny ijveren met elkaar, testen elkaar uit. De ene wil niet onderdoen voor de andere. Tijdens de 5-daagse komen ze echter meer en meer overeen en lopen ze vriendelijk naast of achter elkaar.
Nadat de paarden zijn verzorgd, trekken we naar Buds, een kippenrestaurant. Inderdaad kip als voorgerecht en kip als hoofdgerecht, maar wel lekker. We kaarten nog wat na aan de pipowagen en gaan vroeg naar bed. Het stapelbed in de pipowagen ligt heerlijk.
Dag 2 belooft heel warm te worden. Jan kiest ervoor om vandaag door de bossen te rijden en de koelte daar op te zoeken. Het wordt een prachtige wandeling door typische Veluwe bossen. De middagstop houden we in het Boshuisje. De paarden kunnen in stands gestald worden en er is water voorradig . Wie wil kan zelfs afzadelen en zijn paard in de weide zetten. De lunch is heel verzorgd en uitermate lekker. Na het eten zoeken we terug verkoeling in de bossen. De tempo’s zijn wisselend. Er kan ook wel een rustig handgalopje af. Vlak daarna opent Peggy haar flesje cola light. Dolly ziet het geluid van dit bruisend vocht niet zitten en schiet op hol. Peggy is echter ervaren en blijft koelbloedig. Het flesje laat ze vallen en ze gaat even mee in het helse tempo om daarna gecontroleerd Dolly tot stilstand te brengen. (Na de rit hebben Peggy en Ronny zich toch maar een voorraad spa blauw aangeschaft.) Door het warme weer had Jan zijn vestje niet aangedaan maar daar zat zijn kompas in… Gelukkig kon Ronny met behulp van zijn gps het oosten aanduiden zodat we rond 17 uur na een rit van ongeveer 30 km terug waren op de Woody Ranch. De paarden gaan in de paddocks en krijgen eerst hooi en later op de avond krachtvoer. We zijn de hele dag weinig insecten tegengekomen (maximaal 3 dazen), maar op de wei krioelt het van de vliegen. Een vliegenafweer aan het halster is geen overbodige luxe.
Terwijl we om beurten douchen, aperitieven de anderen aan de pipowagen. Het avondmaal gebruiken we in de Bonte Koe. De helft van het gezelschap gaat voor de mosselen.
Dag 3 begint met het opruimen van de pipowagen en het verhuizen naar een trekkershut. Het comfort is hier beduidend minder. Gelukkig kunnen we gebruik maken van de faciliteiten van de camping(wc-douche met munten-water). Er is wel een ijskast. Deze dramt echter de hele nacht door. De stapelbedden zijn zo in elkaar gestoken dat als iemand beweegt, ook de andere 3 bewegen.
Door de verhuis kunnen we pas ’s middags vertrekken. Vandaag trekken we naar Kootwijk. Hiervoor moeten we onder 2 bruggen van de autostrade en over een spoorweg. Mijn paard neemt hierbij zeer hoge passen. Sonja ontdekt een ree en geeft aan waar we het kunnen zien. Er is onweer op komst. In menclub Onder de Kastanje houden we even halt om de paarden te laten drinken en een snack te eten.
Op de terugweg moeten we niet onder de autostrade maar erover. Ik heb hiermee slechte ervaringen uit de ATR initiatietocht (steigeren en omdraaien), bovendien is deze brug amper 2 meter breed. Uit veiligheidsoverwegingen neem ik deze hindernis naast mijn paard. De brug is smal maar ook laag boven de autoweg. Het lawaai is oorverdovend. Gitano van Jan volgt de auto’s onder hem door oplettend. Dolly ziet het in de helft niet meer zitten. Met krachtig achterbeen gebruik zet ze een piaffe neer maar dit wil je echt niet op een smal bruggetje boven een autostrade (de reling is ook al niet zo hoog). Peggy beslist veiligheid voorop te stellen en stijgt af.
De volgende hindernis is de spoorweg. Mijn paard (Phaedra) krijgt een schok en springt verticaal omhoog maar gaat er toch over. Lucy van Sonja wil er echter niet over. Ronny gaat met Forrest terug en dat wordt door Lucy geapprecieerd. Ze is echter maar net over de sporen of de bel gaat. 2 Seconden later raast er een trein voorbij. Je mag er niet aan denken wat er had kunnen gebeuren.
’s Avonds in het Hilletje genieten we van Hollandse gastronomie. In de loop van de dag zijn de Lucky Boys vertrokken en zijn de plaatsen ingenomen door een 10-tal menners van Recrea-men. De paddocks staan vol stoere Haflingers.
Dag 4 belooft qua weer de minste te worden. Daarom trekken we naar de heide. Prachtige vergezichten, maar uiterst stoffig. Om uit de heide te geraken zijn alle poorten afgesloten. Ronny houdt een voetgangerspoortje open zodat we er om beurt door kunnen. De stijgbeugels worden bovenaan vastgebonden. Ik ga als laatste. Mijn merrie heeft echter altijd al het idee dat ze te dik is en wil in eerste instantie niet door de smalle poort. Na enig aandringen lukt het wel. Net als de voorgaande dagen is de rit ongeveer 30 km. De gps van Ronny houdt alles keurig bij: tijdsduur, kilometers, hoeveel tijd stil gestaan.
’s Avonds gaan we weer naar de Bonte Koe. Sonja wordt het hof gemaakt door een jonge Nederlandse Boerenjongen Arie en krijgt na afloop zelfs een uitnodiging om te blijven. Het is onze laatste avond. Ronny en Peggy zitten door hun voorraad drank ( de heerlijke deca van Sonja kon hen niet bekoren) en gaan samen met Jan op zoek naar pintjes. Door een misverstand dachten ze dat de rest van de groep al sliep. Er resten Sonja en Gilbert niets anders dan te gaan slapen. Het bed heeft Gilbert gerepareerd met een handdoek zodat het niet meer schuurt tegen de andere bedden; de ijskast hebben we uitgetrokken om rustig (hoewel… met 3 snurkers in de trekkershut…) te kunnen slapen.
Dag 5 begint met opruimen en kuisen van de trekkershut. Vandaag vertrekken we huiswaarts maar eerst stoppen we nog in Kootwijk om een wandeling van 2,5 uur rond en door het Kootwijkerduin te maken. Terwijl we even stoppen voor een foto springt er een ree weg in de bossen. Peggy had nog graag enkele foto’s in de duinen. Een eenzame hoogbejaarde fietser hoog op een duin wil de foto’s wel nemen. Forrest ziet het niet zitten om het toestel te gaan afgeven en stormt de andere kant op. Howy en Phaedra willen liever niet stil staan. Misschien ruiken ze het onweer dat voor de namiddag voorspeld is…
Een beetje verder schrikt Forrest opnieuw. In het zand ontstaat een windhoosje. Prachtig om dit wervelende zand te zien rondtollen. De rit is ten einde. De paarden worden afgezadeld. Voor mij eindigt de reis op dat moment in mineur. Ik heb er lang over gedaan om mijn paard het laden aan te leren en net nu wil ze absoluut de trailer niet in. Ik vraag iedereen door te gaan. Het is voor niemand leuk om op die manier afscheid te moeten nemen. Voor de gids is dit extra zwaar want hij wil niemand achter laten. Nadat iedereen vertrokken is, lukt het in eerste instantie nog niet. We moeten een stap terug zetten in de training en de trailer in het midden open zetten. Ze gaat erop alsof er niets aan de hand is en blijft vol vertrouwen bij mij in de trailer staan terwijl Gilbert alles dicht maakt en Howy ernaast zet.
Op vrijdag in Nederland reizen kan ik iedereen af raden. We hebben 4 uur gereden over 190 km: file van begin tot einde.
Tot slot wil ik Jan bedanken voor de mooie ritten, de bemoedigende schouderklop, de troostende woorden als het bij iemand wat moeilijker ging. De beloofde Jack Daniels hebben we nog te goed. Ik heb vooral genoten van de stilte in de uitgestrekte bossen. Die vind je alleen in de Veluwe.
Christel